|
Wanneer stelt de rechter een alimentatieregeling
vast
De rechter stelt op verzoek een alimentatieregeling vast
als:
– nevenvoorziening bij de beslissing over de scheiding
– nevenvoorziening op een aparte zitting ná
de beslissing over scheiding
– binnen kortere of langere tijd na de scheiding:
de rechter doet dit dan op verzoek van degene die niet
(meer) in staat is om geheel in het eigen levensonderhoud
te voorzien
– er een verzoek is gedaan om wijziging van de alimentatieregeling;
zo’n verzoek om wijziging van de alimentatieregeling
kan zowel door degene worden gedaan die alimentatie ontvangt
als door degene die alimentatie moet betalen
Gewijzigde omstandigheden
Als de omstandigheden van uw ex-partner of u wijzigen,
kan na verloop van tijd het vastgestelde of afgesproken
alimentatiebedrag niet meer redelijk zijn. De rechter
kan dan op verzoek van (één van) u beiden
een ander bedrag vaststellen. Dat kan ook als de rechter
bij zijn of haar eerdere beslissing is uitgegaan van verkeerde
of van onvolledige gegevens.
Tenslotte kan de rechter ook een afspraak in een scheidingsconvenant
wijzigen of intrekken. Zoiets kan gebeuren als één
van u een heel verkeerde voorstelling van zaken heeft
gegeven en de ander dat destijds als juist heeft aangenomen.
Er is dan, zoals dat heet, sprake van ’grove miskenning
van behoefte of draagkracht’.
Kind wordt 18 jaar
Als een kind 18 wordt en hij of zij heeft nog een financiële
bijdrage nodig voor onderhoud en studie, dan loopt de
onderhoudsplicht gewoon door.
Is een rechterlijke beschikking gegeven dan blijft deze
gelden. Wil de alimentatieplichtige
of het kind de hoogte van de ouderbijdrage wijzigen en
men komt er samen niet uit, dan kan een wijzigingsverzoek
worden ingediend bij de rechtbank. Procespartijen zijn
dan ouder en kind. Het kind heeft dan tegenover de betalende
ouder dezelfde positie als de ex-partner (andere ouder)
die niet (helemaal) in het eigen levensonderhoud kan voorzien.
|